Met beide benen op de grond

Moderne dans door de jaren heen

uit: Jesse Goossens, Dit is Theater

 

Isadora leefde aan het eind van de negentiende eeuw: een tijd waarin ze zich altijd keurig moest gedragen. Ze was een vrouw, wat betekende dat ze voorbestemd was om te trouwen, kinderen te krijgen en het huishouden te runnen.

Isadora was eigenwijs. Zij wilde haar eigen leven leiden; boven alles wilde ze dansen. Maar er bestond alleen ballet. Daar was Isadora te dik voor, en ze wilde juist dansen zonder allerlei strenge regels. Ze had de pest aan spitzen en aan hoge idealen, dus Isadora danste op haar eigen manier.

Ze danste wat ze voelde: haar blijdschap en verdriet, haar verlangen en haar liefde voor de natuur. In wapperende Griekse gewaden bewoog ze haar lichaam, zwaaide ze met haar armen en hupte ze over de vloer.

Het was maar vreemd wat ze deed, dachten de meeste mensen die haar zagen. Sommigen vonden het wel schattig, anderen werden kwaad omdat het zo niet hoorde. Maar langzaamaan werd duidelijk dat hier iets bijzonders gebeurde, dat Isadora iets nieuws had uitgevonden. Mensen begonnen het te begrijpen, mooi te vinden zelfs. En binnen een paar jaar werd Isadora Duncan de beroemdste danseres van de wereld.

Isadora werd niet oud. Terwijl ze achter het stuur van haar auto zat, kwam een van haar wapperende sjaals in de wielen terecht. Ze werd erdoor gewurgd.

Maar inmiddels had zij, met een aantal tijdgenoten, de wereld veranderd: de Moderne Dans was geboren.

 

Nu de balletwetten niet meer heilig waren, kon iedere danser doen wat hij wilde. Sommigen volgden de ideeën van de grote dansers als Isadora Duncan, anderen zochten hun eigen weg. Opeens was alles mogelijk!

Dansers gingen rondreizen om te kijken hoe er gedanst werd in Thailand, India, Japan en Indonesië. Of ze bestudeerden tekeningen in geschiedenisboeken om te zien hoe de oude Azteken stonden afgebeeld. Uit alle bewegingen en houdingen die ze zagen, kozen de dansers die vormen die ze het mooist vonden en maakten daar op muziek een dans van.

Het theaterpubliek wist niet wat het overkwam: op de podia in de schouwburgen werden opeens dansen uit alle windstreken opgevoerd. In kleurige gewaden brachten de dansers de plaatjes tot leven die het publiek alleen uit tijdschriften en films kende.

 

Nieuwe regels

Er waren dansers die al die plotselinge vrijheid te veel vonden. Om écht te kunnen dansen, zo zeiden zij, zijn er juist regels nodig.

Martha Graham was zo iemand die tegen te grote vrijheid was. Zij vond dat dans niet bedoeld was om mensen mooie beelden voor te schotelen. Dans moest gevoelens uitdrukken, was haar mening. Het is de taak van de danser om te laten zien hoe hij in het leven staat. En om de kijker zo goed mogelijk de betekenis van de dans te laten inzien, bedacht Martha allemaal nieuwe regels voor moderne dansers, die net zo streng waren als die voor het klassieke ballet.

Iedereen die ooit op dansen of jazzballet heeft gezeten, kent de contraction – de danser trekt zijn buikspieren in als hij inademt zodat zijn rug rond komt te staan – en de release – dan laat de danser de contraction los op zijn uitademing zodat zijn rug weer lang wordt. Deze technieken heeft Martha Graham bijna een eeuw geleden ontwikkeld en ze worden nog steeds dagelijks gebruikt.

 ‘Dans is communicatie,’ was haar geliefde uitspraak. En om elkaar te begrijpen heb je dezelfde taal nodig. Danswetten zijn een soort taal: wie eenmaal weet welke beweging wanhoop uitdrukt, welke houding liefde, welk gebaar geluk, kan een dans net zo makkelijk begrijpen als een verhaal dat wordt verteld. De lichaamstaal vervangt de woorden.

 

Iedereen kan dansen

Om zomaar te gaan bewegen op muziek, moet iemand wel lef hebben. Het is altijd spannend wie er het eerst de vloer op gaat, maar als er eenmaal iemand die stap heeft genomen, staat binnen de kortste keren de hele vloer vol.

Rudolf von Laban wilde rond de jaren twintig van de twintigste eeuw iets verzinnen waardoor iedereen zou durven te dansen, zonder bang te zijn of hij wel goed genoeg was. Hij bedacht daarom de bewegingskoren.

Bij een bewegingskoor danst een hele groep mensen op dezelfde manier. Het is tegenwoordig nog steeds te zien in videoclips: achter de zanger of zangeres staan tientallen mensen die precies dezelfde pasjes maken. Zo’n dansende groep werkt aanstekelijk en het ziet er meteen goed uit.

Rudolf von Laban had gelijk. Het is hartstikke makkelijk om mee te doen met een bewegingskoor; wie in een groep gaat staan, heeft niet het gevoel dat hij te veel opvalt. Wanneer hij dan precies nadoet wat de anderen doen, gaat dat bijna vanzelf. Voor hij het weet staat hij te dansen alsof hij nooit iets anders heeft gedaan.

Het bewegingskoor werd een succes. Maar ook de politiek ging zijn dansvorm gebruiken: de nazi’s begrepen dat het een machtig gevoel geeft om tussen duizenden anderen te staan die precies hetzelfde doen. De foto’s uit de geschiedenisboeken zijn overbekend: de frisse jongens en meiden van de Hitlerjugend die keurig in de maat door de straten lopen of in een enorm voetbalstadion laten zien waartoe een groep in staat is.

Raar om te bedenken dat dat eigenlijk hetzelfde is als een groepsdans in een clip.

 

Een verhaal in beweging

Dansen heeft kracht. Er kan iets mee verteld worden. Er kan zelfs iets mee op de mensen worden overgebracht wat ze eigenlijk helemaal niet willen weten. Mary Wigman, een leerling van Rudolf von Laban, deed dat in haar dansen aan het begin van de twintigste eeuw.

Van Mary werd de kijker niet bepaald vrolijk. Zij liet al dansend zien dat iedereen ouder wordt en uiteindelijk doodgaat. Met haar lichaam vertelde zij het verhaal van verwoesting en oorlog. Ze liet haar publiek voelen hoe het is om te lijden.

Wat Mary vooral belangrijk vond, was dat mensen niet naar haar als persoon keken, maar naar de dans die ze uitvoerde. Ze verstopte zich daarom achter een masker, of trok kostuums aan waardoor haar lichaam minder goed te zien was. Alleen de beweging telde, en de boodschap die ze met die beweging duidelijk wilde maken.

Ook andere dansers gingen onderwerpen kiezen die ze uit hun nabije omgeving haalden. Er werden dansen geschreven over politiek, over honger, uitbuiting en racisme.

Er werd niet langer alleen op bestaande muziek gedanst; er werd soms speciaal muziek voor een dans geschreven. Zelfs op gesproken teksten kon worden bewogen, en sommige dansers gingen zelfs zover om helemaal geen geluid te gebruiken. Wanneer iemand in stilte bezig is, leidt helemaal niets de toeschouwer af. Hij kan er dan niet omheen wat de danser hem vertelt.

 

Is nou echt alles dans?

Na de Tweede Wereldoorlog was moderne dans inmiddels zo geaccepteerd dat het een vak werd dat op de hogescholen gevolgd kon worden. Dansers hoefden zich er niet meer druk om te maken of ze wel serieus werden genomen.

Opnieuw veranderde de dans. Voor de oorlog waren dansers vooral bezig te ontdekken hoe ze het best konden bewegen om een bepaald gevoel of een boodschap op het publiek over te brengen. Nu was de tijd aangebroken om te kijken naar het dansen op zich. Wat is dansen eigenlijk? Alle bewegingen die een mens kan maken werden door de dansers uitgeprobeerd, ook de gewone dagelijkse handelingen zoals rennen, bukken, lopen, zitten en vallen. Daar kwamen soms vreemde voorstellingen uit: een uur lang mensen op een podium die alleen maar gaan staan en weer gaan zitten, of die de hele tijd rondjes lopen...

Er hoefde helemaal geen verhaal of betekenis meer in dans te zitten. Er waren zelfs dansers die een muntje opwierpen om te kijken wat de volgende beweging in de dans zou zijn.

Het was ook helemaal niet meer nodig om op een podium in een theater te dansen. Nee, de dansers gingen de straat op, het park in, of ze dansten in een zaal om de toeschouwers heen of er zelfs tussendoor.

Ook het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke dansers verdween. Vrouwen gingen mannen optillen en iedereen droeg dezelfde kleding. Voor het eerst in de dansgeschiedenis werden écht alle regels losgelaten. Maar of dat voor het publiek nou zo leuk was? Er gingen steeds minder mensen naar dansvoorstellingen.

 

Midden in de maatschappij

Aan iedere ontdekkingstocht komt een eind, dus ook aan de soms onbegrijpelijke onderzoeken van de dansers naar de mogelijkheden van hun lichaam. Gelukkig maar, want zo werd de dans weer voor een grotere groep mensen leuk om naar te kijken.

Toch bleef het spannend wat er zou gebeuren. Dansers gingen namelijk steeds meer om zich heen kijken naar wat er in de rest van de wereld gebeurde. Ze gingen samenwerken met beeldend kunstenaars, schrijvers, dichters en mediakunstenaars om dans te combineren met andere kunststromingen.

Pina Bausch is een van de belangrijkste choreografen in de moderne dans van de twintigste eeuw. Zij maakt dans vanuit de kleinste bewegingen – vanuit de manier waarop je een haarkrul om je vinger kunt draaien, of een kleine verschuiving van het been. Steeds meer haalt ze erbij en ze bouwt zo een hele dans op. Ze maakt gebruik van alle materialen en middelen die ze tot haar beschikking heeft. Nu eens dansen vrouwen op hoge hakken in cocktailjurken, dan weer staat er een nijlpaard op het podium. Haar choreografieën verrassen de toeschouwer voortdurend en confronteren hen met de breekbaarheid van het leven.

Met de opkomst van de computer en de video werd een heleboel meer mogelijk. Techniek ging een belangrijk deel uitmaken van de voorstellingen. Er werd gedanst tussen videobeelden, waarbij de dansers en de filmbeelden op elkaar inspeelden. Muziek met elektrische instrumenten werd gebruikt om de dansen te begeleiden. De popmuziek kwam de danswereld binnen.

Er werd steeds meer naar het uiterlijk van de mensen gekeken. In de voorstellingen werd verwerkt wat op dat moment in de mode was: de make-up, de kleding, meubels en stoffen. En toen de gezondheidsfreaks de kop opstaken, en iedereen ging joggen om fit te blijven, veranderden ook de dansers: het werden eerder gespierde atleten dan breekbare afgetrainde types.

Tegenwoordig is wat er speelt in de wereld direct terug te vinden op het toneel. De dansen vertellen weer verhalen of willen op zijn minst iets aan het publiek duidelijk maken: over het gebruik van drugs, bijvoorbeeld, over homoseksualiteit, aids en politieke standpunten.

Nog nooit was het dansen zo populair als sinds de opkomst van de videoclip. De clips strijden om de meest spectaculaire dansscènes en binnen een mum van tijd zijn er overal mensen die die dansen nadoen. De verschillende dansstijlen schieten als paddestoelen uit de grond. Iedere muziekstroming heeft zijn eigen dans. Punk, disco, electric boogie, breakdance, hiphop, capoeira, skatedance, rave, noem maar op. Al deze stijlen, en alle andere danssoorten die in de loop van de geschiedenis van de moderne dans zijn ontstaan, bestaan naast elkaar en door elkaar. Sommige dansers houden zich keurig aan de regels van een van de dansstijlen, anderen plukken van alles wat en stellen zo hun persoonlijke voorkeur samen. Alles is dans.

copyright: Jesse Goossens / Lemniscaat, 2003

Deze tekst komt uit het rijk geïllustreerde Dit is Theater.
Lemniscaat, 2003
ISBN: 90 5637 565 2