Er is niets stommer dan oorlog

-- Sierra Leone --

uit: Jesse Goossens, Right To Play

 

Het is een rare tijd in Sierra Leone. Alhaji kan nog nauwelijks geloven dat de oorlog voorbij is. Hij kan zich niet eens meer herinneren hoe het leven vóór de burgeroorlog was – hij was vier jaar oud toen de oorlog uitbrak, nu elf jaar geleden.

In Freetown loopt hij langs de sporen die de oorlog heeft nagelaten. Hij is niet verbaasd meer om de afgebrande en vernietigde huizen te zien, de bedelende mannen zonder armen of handen. Hij weet wat een geluk hij zelf heeft gehad toen de rebellen Freetown binnenvielen: duizenden mensen werden vermoord en tweeduizend kinderen werden ontvoerd om kindsoldaat te worden. Chastain, een van Alhaji’s vrienden, werd in die tijd door de rebellen meegenomen. Niemand had gedacht dat hij ooit terug zou komen, maar hij wist te ontsnappen. Na twee jaar stond hij opeens weer voor Alhaji’s neus. Hij vertelde hoe hij bij de rebellen had geleefd, dat hij had leren schieten en dorpen moest binnenvallen om mensen te vermoorden en handen van jongens en mannen af te hakken.

Die tijd is nu voorbij. Alhaji’s oom heeft er alle vertrouwen in dat Alhaji binnenkort zelfs naar school zal kunnen. Maar dat moet hij nog zien gebeuren; eerst kijken hoe het de komende maanden zal gaan.

Vandaag is het een spannende dag. In Freetown komen namelijk veertig legercommandanten bij elkaar om te praten over de toekomst. Het zijn commandanten van drie verschillende legers die elkaar tijdens de oorlog naar het leven stonden. Alhaji kan zich niet voorstellen dat dat goed zal gaan, dus toen hij hoorde dat er vooraf een voetbalwedstrijd zou worden georganiseerd waar de commandanten aan mee zouden doen, wilde hij met eigen ogen zien dat dat waar was.

Alhaji merkt al snel dat hij niet de enige is die nieuwsgierig is naar de wedstrijd. Het lijkt wel of de hele stad is uitgelopen om de commandanten te zien spelen.

Als de twee teams het veld opkomen, gaat er een gejuich op. In ieder team zitten mannen uit alledrie de legers, en voor de gelegenheid hebben de teams de namen Vergeving en Berouw gekregen. Het wordt een ontzettend spannende wedstrijd. Als hij na negentig minuten eindigt in een gelijk spel, is iedereen tevreden. Een mooiere uitslag kan je je bijna niet voorstellen.

Op het veld omhelzen de spelers elkaar. Alhaji kan zijn ogen niet geloven. Tijdens de wedstrijd was hij helemaal vergeten dat deze mannen elkaar een paar weken geleden nog zonder aarzelen vermoord zouden hebben. Door het voetbal zijn alle ruzies anderhalf uur lang vergeten.

Als Alhaji terugloopt naar huis, heerst er in de hele stad een feeststemming. De oorlog is écht voorbij. Hij merkt dat hij hardop lacht.  

 

copyright: Jesse Goossens / Lemniscaat, 2005

Deze tekst komt uit het rijk geïllustreerde Right To Play.
Een wereldboek, een verhalenboek, een doeboek en een fotoboek.
Lemniscaat, 2005
ISBN: 90 5637 749 3