Claudette, schiet een beetje op als je met me
mee wilt lopen, roept Marie-Jeanne. Je weet dat ik een afspraak
heb! Heb je je Epivir genomen?
Dat hoef je niet elke ochtend te vragen! roept Claudette geïrriteerd terug. Ze houdt er niet van om s ochtends door haar moeder opgejaagd te worden. Ik ben al klaar.
Ze pakt haar schrift en haar potlood en loopt naar buiten, waar Marie-Jeanne staat te wachten. Stop je bloes in je rok, zegt Marie-Jeanne na een keurende blik. Dan vraagt ze: Zie ik er een beetje netjes uit? Ze draait een rondje voor Claudette; ze heeft haar nieuwste jurk aangetrokken.
Claudette grinnikt. Haar moeder die zenuwachtig is dat komt niet vaak voor.
Marie-Jeanne heeft een afspraak met de mensen van de organisatie Right To Play. Ze gaat meehelpen aan een onderzoek. In Butamwa wordt een speeldag gehouden en daar moet ze kinderen ondervragen over wat ze weten van hiv/aids. Er zijn mannen die met de jongens praten en Marie-Jeanne gaat, met een aantal andere vrouwen, de meisjes vragen stellen. Dat zal nog lastig worden, want meisjes in Rwanda horen niet over seks te praten. Dat betekent niet dat ze er niks van weten. Claudette en haar vriendinnen praten honderduit over wat ze horen, in tijdschriften lezen en op televisie zien. Maar ze zorgen er wel voor dat geen volwassene hen kan horen.
Over hiv/aids worden in de klas van Claudette de wildste verhalen verteld. Sommige van haar vriendinnen beweren dat je niet besmet kunt raken als je voor de eerste keer vrijt en dat je jezelf kunt beschermen als je vriendje een plastic zakje als condoom gebruikt. Anderen denken dat je al besmet kunt raken van de tranen of het zweet van iemand die seropositief is. Er is zelfs een meisje dat zegt dat aids niet echt bestaat; dat het een verzinsel is van volwassenen om ervoor te zorgen dat jongeren niet aan seks beginnen. Maar Claudette weet wel beter. Zij is al seropositief sinds haar geboorte.
Soms, als ze in de spiegel kijkt, ziet Claudette dat ze een mooie meid begint te worden. Ze ziet het ook in de blikken van de jongens en mannen die naar haar kijken. Haar moeder heeft het ook al opgemerkt. Claude, zei ze laatst, je weet dat het niet lang meer zal duren voordat een jongen zijn oog op je laat vallen. Wees alsjeblieft verstandig, lieverd. Wees duidelijk.
Claudette weet dat het niet mee zal vallen. De mannen in Rwanda zijn niet gewend dat een meisje nee zegt. Veel van hen vinden dat een vrouw gewoon moet doen wat de man zegt. Maar Claudette weet ook dat het moeilijk zal zijn om iemand te vertellen dat ze seropositief is. Niemand van haar vrienden weet het, zelfs Audrey niet, haar beste vriendin. Ze is bang dat die dan niet meer met haar om mag gaan.
Marie-Jeanne komt er wel eerlijk voor uit dat ze seropositief is. Ze helpt zoveel mogelijk mensen die ook besmet zijn. De mensen moeten eens ophouden hun kop in het zand te steken, zegt ze. Aids is in Afrika doodsoorzaak nummer één. Iedere seconde raakt er iemand op de wereld met hiv besmet en drie van de vier keer is dat een Afrikaan. Daarom is ze zo blij met het Live Safe Play Safe project van Right To Play. Ze vindt het heel belangrijk dat jongeren weten hoe ze zichzelf moeten beschermen.
Bij het hotel waar ze heeft afgesproken geeft Marie-Jeanne Claudette een kus op haar voorhoofd en loopt snel in de richting van de parkeerplaats.
Claudette kijkt haar na. Meestal vindt ze haar moeder dapper omdat ze zo duidelijk durft te zijn, maar soms zou ze willen dat Marie-Jeanne nooit iets had gezegd: dat ze een moeder was als de moeders van de andere kinderen uit haar klas, waar niet anders naar gekeken wordt.
copyright: Jesse Goossens / Lemniscaat, 2005
Deze tekst komt uit het rijk geïllustreerde Right
To Play.
Een wereldboek, een verhalenboek, een doeboek en een fotoboek.
Lemniscaat, 2005
ISBN: 90 5637 749 3