Slapstickopenbaringen

Om tien uur vanavond zal in de Idolize een voorschot worden genomen op het Gùzjen-festival: een lang poëtisch weekend dat op Terschelling plaats zal vinden. Tussen de dichters, schrijvers en verhalenvertellers die 2, 3 en 4 oktober het eiland zullen veroveren, bevindt zich ook Anne Feddema.
Zijn faam snelt hem vooruit. Niemand op het hoofdkantoor heeft hem ooit in levende lijve ontmoet, maar iedereen weet me te vertellen dat hij zijn gedichten op zo'n indrukwekkende manier voordraagt dat ik zijn optreden absoluut niet mag missen.
Omdat ik niet geheel onvoorbereid de spiegeltent wil betreden, haal ik de debuutbundel van dichter/schilder Anne Feddema in huis. Wat zijn naam al deed vermoeden, wordt bevestigd door de titel van de bundel, Slapstickiepenbierings. Anne Feddema is Fries. Ik ken geen Fries. Geen woord. Als ik een Fries tegenkom die in zijn moerstaal tegen me spreekt, word ik wanhopig.
Maar de gedichten van Feddema zijn voor mij een openbaring. Feddema maakt als schilder grote veelkleurige absurdistische schilderijen. Zijn teksten komen op mij als Niet Fries net zo over. Misschien is het zelfs een voordeel om de taal niet helemaal te begrijpen. Toen ik de gedichten las, nu eens in stilte, dan weer voordragend aan de andere redacteuren, begaf ik me in net zo'n half herkenbare, half onbekende wereld als de kijker van zijn werk betreed. Zij het dat ik me tussen de klanken waagde in plaats van tussen de kleuren. [JG]

Artikel uit de Morgenster, Oerol Festival, 1998