Een leven zonder magie is zelfmoord

Door de deur van een boerenhoeve op Camping Terpstra komt de bezoeker het halfduistere Rangoon binnen. Dit is het rijk van de Celsius, die met magie en illusie een revue van voorvallen en voorouders oproept.

Afkomst
‘In mijn familie van moederskant bestaat een ex-libris waarop een toneel is afgebeeld met maskers en dansende mensen. In een boek over de Amsterdamse kermissen ontdekte ik dat in 1850 een familie met dezelfde naam leefde die optrad met komische balletten en pantomimes. Dat kwam precies overeen met het ex-libris. Ik denk dan ook dat die reizende artiesten voorouders van mij zijn.
Ik heb me verdiept in de geschiedenis van de goochelkunst. Daar waren vaak hele families waarvan steeds één zoon illusionist werd. Ik heb mij voorgesteld hoe mijn voorgeslacht eruit gezien moet hebben. Dat is helemaal te herleiden tot de Aziatische steppen. Mijn grootvader was een echte paardenman en ook ik houd van paarden. Ik ben heel nomadisch en heb veel gereisd in de tijd dat ik journalist was. Het klopt helemaal met de reizende geest van mijn voorouders. Ik denk dat heel veel inspiratie is gekomen uit de Siberische steppen.’

Magie
‘Sinds mijn achtste ben ik bezig met magie.
Ik begrijp eigenlijk niet dat er mensen zijn die daar niet mee bezig zijn. Alles draait om magie. De wereld van onze verre voorouders was een hele magische wereld en de wereld van kinderen is dat ook. Magie heeft te maken met wonderen verrichten en dat heeft weer te maken met het in vervulling brengen van je wensen. Alles wat je wilt kun je via magie bereiken: als je iets heel sterk wenst, dan gebeurt het.
Magie is essentieel in het leven van mensen, alleen herkennen ze dat niet. Een leven zonder magie is zelfmoord. Als je geen magie in je leven hebt, mis je zoiets essentieels dat je eraan kapot gaat.’

Kennis
‘Journalistiek is de andere kant. In de tijd dat ik dat deed was het onthullen en uitkleden, alles in het publiek gooien.
Vroeger waren er veel geheimen. Mensen leefden in inwijdingsgraden. Iemand die er nog niet aan toe was, mocht niet zoveel weten. Tegenwoordig weet iedereen alles. Aan één kant is dat wel goed, maar je moet er ook mee oppassen dat niet alles op straat komt te liggen.
De mensen denken dat ze alles weten. Ze streven naar een gesloten wereldbeeld waarbuiten niets bestaat. Als ze de zaken in hun hoofd op een rijtje hebben, denken ze dat er verder niets meer is. Ik denk dat wij maar een fractie weten van wat er bestaat. Het is erg zonde als je niet verder kijkt en af en toe doorzichten krijgt in andere werelden.’

Dodenwereld
‘Onze voorouders geloofden duizenden jaren geleden, dat er een wereld was , een wereld van de doden, waarin alle geheimen werden bewaard. Daar bevond zich alle kennis en de continuïteit. Het werd ook wel de onderwereld genoemd of het Walhalla. Later hebben de Christenen er de hel van gemaakt omdat het de andere kant was van hun verhaal.
Men dacht ook dat de vruchtbaarheid uit die wereld kwam. In de winter stierf de vruchtbaarheid en ging naar de onderwereld. Dan moesten de doden opgeroepen worden, dat is ‘sundrum’, en dan kwam de vruchtbaarheid weer tot leven.
Dat is wat ik bedoel als ik zeg dat mensen de magie nodig hebben. Ze zoeken naar rituelen. Het huwelijk bijvoorbeeld: trouwen is een ritueel. En onze decemberfeesten zijn eigenlijk de overblijfselen van het oproepen van de dodenwereld. Wat ik in mijn voorstelling doe is eigenlijk ook het proberen oproepen van de doden: het tot leven wekken van mijn voorouders.
Als je alle oude gebruiken weggooit, kom je in een totale leegte waarin alle roots ontbreken. Ik probeer die roots te laten zien. Het klinkt heel hoogdravend, maar ik wil wel degelijk iets laten zien van hoe de mensen vroeger dachten.’ [JG]

Artikel uit de Morgenster, Oerol Festival, 1999