De Schuur is vooral Suf

Yucitaci Taro draagt gele boxershorts met rode bolletjes. Geert van den Berg poetst zijn tanden niet voordat hij gaat slapen. En Hendrick-Jan lult aan een stuk door over ufo's tegen Marieke Bolhuis die vooral vriendelijk glimlacht.

Dit is geen roddelrubriek maar een weergave van de beelden die Oerol TV vierentwintig uur per dag uitzendt. Tijdens het festival worden in drie periodes (vrijdag t/m maandag, dinsdag t/m donderdag en vrijdag t/m zondag) steeds vier Oerolartiesten in een schuur opgesloten. In navolging van de voyeurs-hype die resulteerde in programma's als Big Brother en De Bus heeft ook Terschellings Oerol de rechten van het huis-vol-camera's-concept aangekocht van Endemol.
De schuur, waarvan de locatie om veiligheidsredenen niet bekend wordt gemaakt, is volgehangen met digicams. De rechthoekige ruimte is in vieren verdeeld met lakens, zodat de heren artiesten en de vrouwen kunstenaars zich afzonderlijk kunnen omkleden. Er is een geïmproviseerde douche-toilet combinatie aangelegd en er wordt gekookt op butagas.
Het idee is leuk. Vier artiesten, verschillende disciplines met als overeenkomst Oerol. Dat zou kunnen resulteren in goede gesprekken over het aanspreken van het Oerolpubliek en het uitwisselen van theatertechnieken. De organisatie had zelfs stille hoop dat de kunstenaars op het idee kwamen aan een gezamenlijke voorstelling te werken: dat zou de werkplaatsfunctie van Oerol prachtig illustreren. Maar kennelijk slaat het voortdurend samenzijn een gezelschap dood. Terwijl bij Big Brother en De Bus nog getwijfeld kon worden aan de gespreksbekwaamheid van de kandidaten, wordt hier duidelijk dat de bewegingsvrijheid van mensen bepalend is voor hun spraakwater. Wanneer iemand zich niet kan afzonderen, blijkt hij zich wel een paar uur sociaal kunnen voordoen, maar zich dan voornamelijk in zichzelf te keren en routineus antwoorden te geven op even routineus geplaatste opmerkingen, waardoor een perpetuum mobile van raaskal ontstaat.
Nadeel is ook dat de digicams wel kunnen inzoomen, maar niet draaibaar zijn. Er zijn dus enkele dode hoeken in de schuur, waardoor de kijker dingen mist. Zo is het onduidelijk waarom Yucitaci en Marieke zo verschrikkelijk moesten lachen: je hoort het geluid, ziet af en toe een stuk mouw of broekspijp in de onderhoek van het beeld bewegen en moet verder je fantasie de vrije loop laten.
Aan de andere kant zijn juist de saaiheid en de onduidelijke gebeurtenissen de verslavende factoren. Er móét toch eens iets gebeuren, denk je steeds. Dus dan blijf je aan het beeld gekluisterd. En als Geert van den Berg grinnikend uit zo'n zelfde dood hoekje stapt blijf je wachten op dat wat hem verrast heeft.
Er zijn plannen om De Schuur ook via de Oerolsite uit te zenden en het publiek de artiesten opdrachten te laten geven. Omdat dit echter niet standaard in de contracten van de deelnemers is opgenomen, wordt overleg gepleegd met de volgende lading of zij ermee akkoord kunnen gaan. Wegnomineren is uitgesloten: elke artiest is even belangrijk, wordt door de organisatie benadrukt. Samen uit, samen thuis. Anders zou de concurrerende stemming over kunnen slaan op het festival als de deelnemers de Schuur verlaten en hun werkzaamheden op de verschillende locaties moeten hervatten. [JG]

De volgende periode worden Servaes Nelissen, Clifford McLucas, Dick van den Toorn en Monique van Hinte in De Schuur verwacht. Zij worden ten slotte afgelost door Kris Niklison, Philippe de Martelaere, Kees Bierman en Yvonne Jansen.

Artikel uit de Morgenster, Oerol Festival, 2000